Foodportret: Biesheuvel Knoflook gaat circulair

21 april 2020

Samen zoeken naar circulaire kansen: Circulair ondernemen biedt in onze provincie veel kansen. Dat blijkt uit een onderzoek van Rabobank en KPMG. De regioscan vormt de basis van de Rabo Circulair Ondernemen Challenge. Biesheuvel Knoflook uit Slootdorp  is één van de enthousiaste deelnemers.

Wie het indrukwekkende bedrijfspand van Biesheuvel Knoflook aan de Westerterpweg binnenloopt, wordt onmiddellijk getrakteerd op de geur van knoflook. ‘Verse knoflook,’ benadrukt Arjan Biesheuvel (53). ‘Dus geen gedroogde knoflookbolletjes in een netje, maar verse sappige witte bollen met een mooie groene stengel. Fris en mild van smaak.’ Biesheuvel maakt er geen geheim van: de lekkerste verse knoflook komt uit Slootdorp. Sinds 1986 legt hij zich toe op de knoflookteelt en inmiddels is het bedrijf goed voor een gemiddelde productie van 500 ton per jaar. ‘Ons land telt slechts een drietal soortgelijke ondernemingen, dus de kennis over deze teelt vind je niet om de hoek. Je moet alles zelf uitvinden. Het hebben van goede connecties, binnen en buiten de landsgrenzen, is heel belangrijk.’ Juist dat is volgens hem ook de kracht van de Rabo Circulair Ondernemen Challenge: ondernemers uit verschillende branches kunnen kennis overdragen en van elkaar leren.

Verse Nederlandse knoflook is er van juni tot en met december. Na de oogst in juni wordt het product bewaard in speciale ULO-cellen. In deze cellen blijft de knoflook zeer vers, dankzij een uiterst laag zuurstofgehalte. Buiten de genoemde periode wordt, in opdracht van Biesheuvel, knoflook geteeld in landen in Afrika. De knoflook vindt gretig aftrek in vele grote (inter)nationale supermarktketens. ‘Verse knoflook is veel milder, gezonder dan gedroogde knoflook en je ruikt er veel minder van uit de mond,’ vat Biesheuvel de kracht van zijn product samen. 

Uitgebreide productenlijn

Een deel van de oogst wordt sinds 2005 verwerkt tot gehakte verse knoflook en in potjes en emmers afgevuld. Het succes hiervan heeft geleid tot een uitgebreide productenlijn die door Biesheuvel Knoflook in eigen huis wordt gemaakt: van marinade, aïoli tot sauzen. De producten zijn te koop in winkels, online en in de eigen winkel in Slootdorp. ‘We steken veel tijd in productontwikkeling en we willen ons hierin blijven vernieuwen,’ zegt de ondernemer. Innovatie en duurzaamheid gaan bij het Slootdorper bedrijf hand in hand: ‘We zijn altijd op zoek naar nieuwe knoflookrassen en naar manieren om het complete proces, van planten tot afleveren, zo duurzaam mogelijk te laten verlopen. Zo hebben we koelcellen die gekoeld worden met behulp van propaangas, een milieuvriendelijk alternatief voor de gangbare koelvloeistoffen. Verder rijden onze heftrucks op lithiumaccu's die we opladen met de duizend zonnepanelen op het dak.’

Circulair Ondernemen

Met de productie van knoflookpuree zette het bedrijf jaren geleden bewust de eerste stap naar circulair ondernemen. ‘Het was voor ons dé manier om ook knoflook met schoonheidsfoutjes te gebruiken en afval te beperken,’ stelt Biesheuvel. ‘Circulair ondernemen heeft de toekomst. We zullen er met z’n allen iets aan moeten doen om de wereld leefbaar te houden, ieder op zijn eigen manier. Om die reden hebben wij ons aangemeld voor de Rabo Circulair Ondernemen Challenge.’ Het was Accountmanager Food & Agri Bas Apeldoorn van Rabobank Kop van Noord-Holland die de ondernemer attent maakte op deze challenge. ‘Wij zijn als bank zeer geïnteresseerd in een circulaire economie en zien de noodzaak van een verdere verduurzaming van het bedrijfsleven,’ zegt Bas Apeldoorn. ‘Biesheuvel Knoflook is een mooi, innovatief bedrijf dat, als het gaat om circulair ondernemen, een inspirerend voorbeeld kan zijn.’

Afzet in toekomst borgen

‘Circulair ondernemen biedt veel kansen,’ vervolgt Apeldoorn. ‘Niet zozeer om meer te kunnen produceren, maar vooral om de afzet in de toekomst te borgen. Regelgeving neemt toe, afnemers worden kritischer en het verlagen van de footprint wordt een steeds belangrijker item. Wij willen ondernemers graag helpen bij het zoeken en waarmaken van circulaire kansen, onder meer via deze challenge.’

Onderdeel van de challenge is een scan die in beeld brengt welke circulaire mogelijkheden een bedrijf heeft. ‘In ons geval kwamen er verschillende zaken aan het licht,’ vertelt Arjan Biesheuvel. ‘Zo zouden we restafval op verschillende manieren kunnen hergebruiken. Het materiaal bevat namelijk onder meer een stof die werkt als een natuurlijk antibioticum. Daarnaast zouden we iets kunnen doen met de geurstoffen in het product. Verder willen we kijken naar hoe we verpakkingsmaterialen kunnen recyclen. Het zijn ideeën die het uitwerken meer dan waard zijn.’  ‘Door met elkaar in gesprek te gaan over circulair ondernemen, doe je al veel,’ stelt Bas Apeldoorn. ‘Je gaat, door mee te doen aan deze challenge, automatisch anders naar je bedrijf kijken.’ In april wordt de Rabo Circulair Ondernemen Challenge afgerond. ‘Maar dan stopt het voor ons niet,’ zegt Arjan Biesheuvel. ‘Sterker nog, deze challenge is het begin van een nog duurzamere toekomst. Hoe mooi is dat?’

Over de Rabo Circulair Ondernemen Challenge

Op 4 november 2019 zijn 23 bedrijven uit Noord-Holland Noord gestart met de Rabo Circulair Ondernemen Challenge; een initiatief van Rabobank, KPMG en de Provincie Noord-Holland. De ondernemers worden uitgedaagd om een nieuw, circulair businessmodel te ontwerpen. De aanpak voorziet in een scan door KPMG bij elk bedrijf en twee gezamenlijke workshops. Op 7 april 2020 sluiten de 23 deelnemers de challenge af en presenteren zij hun toekomstplannen aan elkaar. Als inleiding tot de challenge heeft KPMG een onderzoek uitgevoerd in Noord-Holland Noord naar de kansen voor een circulaire economie. Daaruit blijkt dat deze regio een solide basis heeft aan initiatieven en organisaties om een circulaire economie tot volle bloei te brengen.

Interesse in de scan, wilt u meer informatie of wilt u graag de slotbijeenkomst bijwonen? Stuur dan een mail naar communicatie.waterland@rabobank.nl.

Foto: Arjan Biesheuvel 
Bron: Rabo & Co 
Tekst: René Kistemaker, beeld: Bertil van Beek