Tijd is rijp voor nieuw voedselconcept

2 oktober 2016

Hoe kan de tuinbouw een hogere waarde geven aan reststromen? Die vraag kreeg Food Cabinet voorgelegd door GreenPort NHNoord. Aan de hand van interviews met glastuinders - onder wie komkommerteler Piet hoogland uit Heiloo - verwerkers en andere belanghebbenden deed het adviesbureau in Amsterdam een marktverkenning en werkte daarbij drie nieuwe concepten uit. Tijdens de @Dutch Agri Food Week op 12 oktober worden die tijdens een speciale masterclass gepresenteerd en nader toegelicht. 

Noord-Hollands tafelzuur of gezonde repen van overgebleven groenten uit de streek. Volgens Food Cabinet is de tijd rijp om dergelijke nieuwe voedingsconcepten op de markt te brengen. Food Cabinet houdt kantoor in de Amsterdamse wijk Oud-West, een hippe buurt waar allerlei nieuwe winkel- en horecaconcepten zijn gelanceerd. Het illustreert de verschuiving die gaande is. ‘Veel mensen, zeker in de stad, zijn bewuster met voedsel bezig’, stelt Tim de Broekert, creatief strateeg bij het project- en campagnebureau voor voedselvraagstukken. ‘Zelf zijn we in brede zin actief om voedselsystemen te verbeteren. Het voorkomen van verspilling is daarin een belangrijk thema. Niet alleen voor ons, maar ook voor de consument. De tijd lijkt nu echt rijp om nieuwe voedselconcepten te introduceren rondom voedselverspilling.’

Onverkochte producten

Het succes van een nieuw concept zoals de startende restaurantketen Instock, is daarvan het bewijs, stelt De Broekert. Onlangs werd een nieuwe vestiging in Den Haag geopend. In de keukens worden onverkochte producten van supermarkten gebruikt, die anders zouden zijn weggegooid. Ook lanceert Instock eigen producten, zoals Pieper Bier. ‘Er is zeker behoefte aan producten met een eerlijk verhaal. Nederlandse groenten en fruit zijn vers, gezond en smaakvol, ook als de kleur of de vorm misschien iets anders is. Daar ligt dus zeker een kans’, zegt de creatief strateeg. Jaarlijks worden in Noord-Holland nog vele tonnen aan groente en fruit vernietigd, vergist of tot diervoeding verwerkt. De Broekert merkt daarbij nog wel op dat groentekwekerijen niet de grootste uitval veroorzaken in de keten. ‘In het verdere proces gaat het vaak veel erger mis. Maar we richten ons in deze businesscase eerst op de primaire sector. Het is de uitdaging om restproducten aantrekkelijk aan te bieden voor menselijke consumptie, omdat dat toch de hoogste trede is van de voedselladder.’ Reststromen kosten de ondernemer nu veelal geld. Dat gegeven kan het extra lonend maken om naar nieuwe toepassingen of marktconcepten te zoeken, meent de creatief strateeg. Kromkrommer, AH Buitenbeentjes en de Verspillingsfabriek zijn daarvan voorbeelden. ‘Ook daarvoor geldt dat de producten er misschien iets anders uitzien, maar de voedingswaarde is er zeker niet minder om.’ De Broekert ziet verder ook de chocolade van Tony’s Chocolonely als een aansprekend voorbeeld voor de Noord-Hollandse tuinbouw. ‘Ook daar zijn ze klein begonnen, maar heeft het goede verhaal over slaafvrije cacao voor zoveel aanhangers gezorgd dat het merk nu een van de marktleiders is in Nederland. In groente moet zoiets ook realiseerbaar zijn.’

Gemak

Gemak is nog zo’n trend, waarop kan worden ingespeeld, meent De Broekert. Hij denkt daarbij aan het persen van groenterepen. Dergelijke trends, die in Nederland voorzichtig opkomen, hebben over de grens al veel meer voet aan de grond gekregen. ‘Zo is er in New York een hype met lokaal ingemaakte groenten. En ook de gefermenteerde groentelijn van Kimchi wint nog steeds aan populariteit. Het is te verwachting dat die trend ook naar ons land overwaait.’ Food Cabinet geeft op woensdag 12 oktober de masterclass ‘Verwaarden van Reststromen’ in Hoorn. De Broekert hoopt dat deze masterclass nog een vervolg krijgt. ‘Het is de kunst om ondernemers te vinden die hun nek willen en durven uitsteken. Het gaat dan om tuinders, maar ook om ondernemers die zich bezighouden met de verwerking of de handel.’ Het door sommige tuinders aangekaarte risico dat grote marktpartijen met de beste ideeën aan de haal gaan en daarmee de telers uiteindelijk toch weer buitenspel zetten, is nooit volledig weg te nemen. ‘Maar het hoeft geen belemmering te zijn om iets nieuws te ontwikkelen. Nogmaals: als het verhaal van een product goed en oprecht is, dan is daar zeker vraag naar.’

Bron: Nieuwe Oogst 01-10-2016