De middag werd geopend door Jeroen Wildebeest, associate lector Smart Farming, die in een korte toelichting de context schetste. De agrifoodsector staat onder druk: arbeidskrachten zijn schaars en duur, terwijl de eisen vanuit maatschappij en overheid blijven toenemen. Tegelijkertijd groeit de urgentie om slimmer en duurzamer om te gaan met middelen. De oplossing? Niet harder werken, maar slimmer. Van preventief spuiten naar gericht ingrijpen. Van handmatig werk naar precisietechnologie. Van gevoel en ervaring alleen naar data-ondersteunde beslissingen. Daarbij nuanceerde Wildebeest een hardnekkige aanname: technologie betekent niet automatisch minder werk. “Het is vooral ander werk,” stelde hij. “Het werk verschuift.”

In deze transitie spelen onderwijs en onderzoek een sleutelrol: studenten werken in de leerlijn Smart Farming aan vraagstukken uit de praktijk, met als doel vraagstukken op te lossen én nieuw talent enthousiast te maken dat kan inspelen op de veranderende eisen van de arbeidsmarkt en het veld.
Wildebeest noemde enkele cijfers die de groeiende belangstelling illustreren: binnen Smart Farming lopen momenteel drie projecten, er zijn in het afgelopen jaar twee nieuwe gestart en er zijn zes subsidieaanvragen gedaan, waarvan er inmiddels drie zijn gehonoreerd.
Smart Farming in de praktijk: projecten en toepassingen
Tijdens het symposium werd enkele projecten uitgelicht. Een ervan is Smart Farming Peren 2.0, een vervolg op eerdere onderzoeksinspanningen gericht op ‘slim snoeien’ van perenbomen. Het doel is om snoeiwerk niet langer met het blote oog of handmatig uit te voeren maar met behulp van een digitale weergave van de boom -een 3D-model waarop regels en algoritmen kunnen worden toegepast om scherp en precies te kunnen werken. De volgende stap is het valideren van de robotkwaliteit door de resultaten te vergelijken met traditionele snoei door telers. Een demonstratie bij een perenteler in West-Friesland staat gepland voor begin maart.

Ook in de bloembollensector gebeurt veel. Binnen de projecten Groene Tulp en Fieldlab Bol werken studenten aan vroegtijdige detectie van ziekten en plagen, zodat telers niet langer preventief hoeven te spuiten. Met behulp van vision-technologie, data-analyse en robotica wordt toegewerkt naar een teelt die niet alleen efficiënter is, maar ook duurzamer.
InGroene Tulp ligt de focus op data-gedreven teelt, met gegevens afkomstig van de H2L-tulpenselectierobot. Lees hier meer.
Bij Smart Farming Broccoli werken studenten samen met Verdonk Broccoli aan het voorspellen van plantgroei en het optimaliseren van teelt en oogst. Dit soort toepassingen laat zien hoe technologie kan bijdragen aan het verminderen van zware arbeid én het verhogen van opbrengst en kwaliteit.
Van data naar daadkracht
Dat data een sleutelrol spelen in de moderne landbouw, kwam duidelijk naar vorig in de presentatie van Jacob van den Borne van Van den Borne Aardappelen. Wat ooit begon als eenvoudige observaties in een notitieblokje van zijn grootvader, is uitgegroeid tot een geavanceerd systeem dat opbrengstdata, bodemgesteldheidsmetingen, satellietgegevens, dronesensoren en realtime monitoring combineert. Al die informatie komt samen in wat Van den Borne noemt Ground Control: een mission control-achtige omgeving van schermen waar alle data binnenkomt en beslissingen worden genomen op basis van analyses. Deze aanpak maakt het mogelijk om elk seizoen weer te leren en het teeltsysteem te verbeteren. Volgens hem is de sleutel tot succes dat je voortdurend leert van data en elk seizoen weer verfijnt wat werkt en wat niet werkt.
>Meer informatie: Van den Borne Campus
Robots in de witlofschuur

Ook in de witlofteelt wordt volop geïnnoveerd. Robin van der Veeken van Agriserv vertelde hoe vergaande automatisering inmiddels realiteit is. Het opzetten van witlofpennen (eentonig en zwaar werk) gebeurt nu met behulp van vision-camera’s, slimme algoritmen en delta-robots die pennen automatisch in bakken plaatsen. Een pilotopstelling draait al in Nagele.
De volgende stap is minstens zo uitdagend: een machine die witlof automatisch uit de bakken haalt en afsnijdt. Technisch werkt het systeem, maar de echte uitdaging blijkt menselijk: wat is het ‘juiste’ snijpunt? De machine is in elk geval consistent; nu is het zaak om telers te overtuigen. Dit voorjaar volgt een praktijktest.
Slimme landbouw en kringlooplandbouw
De afsluitende presentatie was van Jeroen van Arkel, lector Circulaire Boerenerven van Hogeschool Aeres. Hij benadrukte de verbinding tussen Smart Farming en kringlooplandbouw, waarin efficiëntie, duurzaamheid en integratie met natuurlijke systemen centraal staan. Volgens Van Arkel vraagt deze manier van boeren juist om technologieën die de beperkte natuurlijke bronnen efficiënter benutten, maar hij waarschuwde ook dat de toenemende eisen vanuit overheid en samenleving vaak gepaard gaan met hogere investeringskosten voor boeren. De discussie die daarop volgde liet zien dat er zorgen leven over het gat tussen maatschappelijke verwachtingen, toenemende eisen en de financiële haalbaarheid voor agrariërs.
Aan Jeroen Wildebeest de taak om de middag af te sluiten. Zijn boodschap: “We gaan uitbreiden, meer aan Smart Farming doen, met meer onderwerpen en meer mensen.” Een overzicht van activiteiten binnen het Lectoraat Smart Farming kun je zien op de foto hieronder.
